| |
feb 11
Laatst vroeg iemand mij via Twitter, of ik misschien de middelste bonte specht al eens gezien had, hier op de Veluwezoom.
Nu ken ik wel de grote bonte specht, die is moeilijk te missen hier op de Veluwe. Ik ken de kleine bonte specht, alhoewel ik die nooit gezien heb. Maar de middelste bonte specht?
Logisch dat hij er is, als er ook een grote en een kleine variant bestaat, maar hoe ziet hij eruit, hoe klinkt hij en waar houdt hij zich op?
Na deze vraag ben ik gelijk in mijn boeken gedoken. En heb ik het internet geraadpleegd.
Al met al een leuk en indrukwekkend vogeltje. Kleiner dan de grote bonte specht, heeft een bijzonder geluid, beweegt zich voornamelijk over horizontale takken zoekend naar eten en roffelt veel minder dan zijn andere twee familieleden. Hij komt vooral voor in oude loofbossen met veel dood en rottend hout en houdt van open plekken. Eet insecten, maar zo nu en dan ook zaden. Een standvogel (blijft altijd in dezelfde streek) welke uit Nederland was verdwenen, maar gelukkig weer aan een voorzichtige opmars is begonnen, maar als broedvogel helaas nog steeds zeldzaam is.
De periodes dat je het vogeltje het beste kunt waarnemen is van half februari tot half april, net na zonsopgang en de drie uur daaropvolgend, bij voorkeur bij droog weer, weinig wind en een lekker voorjaarszonnetje.
Een vogeltje met duidelijke voorkeuren.
Dinsdagochtend vroeg liep ik met 2 collega IVN’ers in een van mijn favoriete bossen op NP Veluwezoom. De dames moesten een wandeling in dit gebied voorbereiden. Het gebied waarin ik onlangs een lange wandelroute had uitgestippeld, voor een nieuw uit te brengen boekje van het IVN. De informatie die ik heb over dit schitterende gebied, wilde ik graag delen.
Het was een prachtige ochtend. Strak blauwe lucht, lekker zonnetje en een oplopende temperatuur. Het leek wel voorjaar! Fantastisch wandelweer.
Een van de dames vertelde ons dat dit het gebied is van twee zeer zeldzame mossen. De mosjes komen allen maar hier voor en nergens anders in Nederland. Of we in ieder geval onze ogen open wilden houden voor deze bijzondere mossen. Op zich geen moeilijke opgave, maar als je deze bossen kent, dan weet je wel beter! Het wemelt van de mossen, overal waar je kijkt zie je mossen.
Verder wandelend hoorden we al snel een buizerd, hoog in de lucht. En even later het geroffel van de grote bonte specht. En ja hoor! Wederom het schitterende gelach van de zwarte specht. Als je dat geluid eenmaal gehoord hebt, vergeet je het nooit meer.
Dit geluid horende, vertelde ik de dames over de vraag die ik via Twitter had gekregen over de middelste bonte specht. Ik was nog midden in mijn uitleg, toen ik een apart geluid hoorde. Het was een specht, maar welke? De groene specht? Nee, toch niet. Want die klinkt anders. Maar wat dan wel? Bewapend met verrekijkers, speurden we de bomen af. Totdat ik het geluid nogmaals hoorde en een fladderend stipje hoog in de toppen zag. Nee concludeerde ik, zeker niet de grote bonte specht en ook niet de groene specht. Dit vogeltje gedroeg zich anders en was ook kleiner. Tot onze verrassing kwam er een tweede dartelend stipje bij. Wat een vrolijk koppeltje zeg. Maar die twee waren zo aan het fladderen, dat we ze niet goed konden bekijken.
Totdat ze zo dichtbij waren, dat het uiteindelijk lukte om ze goed in het vizier te krijgen. En wat schetste onze verbazing…..jawel, een koppeltje middelste bonte spechten! Ongelofelijk.
Wat hebben we daar staan genieten van dat olijke paar. Ze gingen zo in elkaar op dat ze ons niet eens in de gaten hadden.
Het waren die ochtend de perfecte omstandigheden voor deze middelste bonte spechtenpaar. En voor mij een perfecte ochtend die ik niet snel zal vergeten.
Het is nog niet duidelijk of we een van de zeldzame mosjes hebben gevonden die ochtend. Wel hebben we vele foto’s gemaakt. Je kan per slot van rekening maar nooit weten.
Gewoon klauwtjesmos (zeer algemeen soort), het matras uit vroegere tijden
Tags: boom, bos, gewoon klauwtjesmos, groene specht, grote bonte specht, IVN, koppeltje, middelste bonte specht, mossen, Nationaal-Park, natuur, paartje, specht, twitter, Veluwezoom, vliegen, wandeling, zwarte specht
feb 04

Ik was laatst door mijn foto’s aan het bladeren, toen ik weer de vele foto’s van de schorpioenvlieg voorbij zag komen. Wat is het toch een schitterend beest! Het wist vanaf het allereerste moment mijn interesse te wekken en me te fascineren. Een vlieg met een snuit! Een snuit die me overigens altijd doet denken aan Gonzo, van The Muppet Show!
En dan dat ontzettend gevaarlijk uitziende achterlijf van het mannetje! Die oranjerode priktang die hij angstaanjagend omhoog krult. Het is dan ook door de vorm van zijn achterlijf, waaraan de soort zijn naam te danken heeft.
Wereldwijd zijn er ongeveer 500 soorten schorpioenvliegen beschreven.
De schorpioenvlieg behoort tot een stokoude, ja zelfs de oudste insectenorde, die een volledige gedaanteverwisseling (ei, larve, pop, volgroeid insect) bezit, net als kevers, vliegen, vlinders en libellen. De volgroeide exemplaren, zoals die op de foto, zijn actief vanaf maart tot en met september.
Het mannetje ziet er met zijn achterlijf, gelijkend op de staart van een schorpioen, heel gevaarlijk uit, maar gevaarlijk is hij allerminst. Hij kan namelijk niet zo heel veel met zijn staart. Het mannetje gebruikt zijn achterlijf, het copulatie-orgaan, alleen tijdens het paren. Als ‘zoethoudertje’ tijdens de paring, spuugt het mannetje een bruinachtige klodder spuug voor het vrouwtje neer, het bruidsgeschenk, die zij dan opdrinkt.
Behalve dode insecten en plantaardig voedsel, eet de schorpioenvlieg ook honingdauw, de zoete en kleverige afscheiding van blad- en schildluizen. Maar ze eten ook aas, zoals de restanten van ons kattenvoer. Als onze katten hun eten niet meer lusten, dan zet ik dat altijd buiten neer voor o.a. de eksters. Maar wat schetste mijn verbazing enkele jaren geleden, op het voer kwam ook de schorpioenvlieg af. Toen wist ik absoluut niet wat voor een soort insect het was, nu weet ik het gelukkig wel. En bewonder hem dan ook veelvuldig. Gewoon in onze eigen achtertuin.

Tags: achterlijf, achtertuin, bruidsgeschenk, fascineren, foto's, gevaarlijk, Gonzo, insect, insecten, insectenorde, katten, kattenvoer, mannetje, ongevaarlijk, orde, paring, priktang, schorpioen, schorpioenvlieg, The Muppet Show, vrouwtje, zoethoudertje
jan 31
Foto © Andre Donker
“Waarom krijgt een specht geen hersenschudding van al dat roffelen?”
“Omdat hij schokbrekers van de Kwikfit heeft!”
Dit kreeg ik als antwoord op een serieus bedoelde vraag.
Afgelopen zaterdag liep ik samen met mijn man in het bos. Het was een zalige dag, strak blauwe lucht, mooi winters zonnetje, lichte vorst. Ideaal wandelweer!
Al vanaf het moment dat we het bos inliepen hoorden we het. En ook op alle plekken waar we stilstonden om te genieten van het zicht en te luisteren naar de geluiden van het bos. Het roffelen van de grote bonte specht, de drummer van het bos.
Maar hoe kan het nou dat een specht met zo’n snelheid kan roffelen, zonder er hoofdpijn of een hersenschudding van te krijgen?
Dat heeft meerdere redenen.
Ten eerste heeft de specht kleine hersenen die vrij stevig verankerd zitten in zijn hoofd, waardoor de hersenen nooit hard tegen de schedel aan kunnen botsen. Ten tweede, de hersenen van een specht zijn omringd door maar een heel klein beetje hersenvocht, waardoor deze weinig ruimte hebben om te gaan ‘klotsen’. Ten derde, hun hersenen zijn glad, niet gekronkeld zoals bij ons, daardoor hebben trillingen minder grip en is er minder oppervlak om tegenaan te botsen.
En ten vierde, beseffend dat er toch iets van waarheid zit in het antwoord op bovenstaande grap, de specht beschikt inderdaad over een soort schokdemper, een airbag. Vlak voordat hij gaat roffelen trekt hij namelijk al zijn spieren samen waardoor de klap wordt opgevangen door zijn veerkrachtige beenderen, die ervoor zorgen dat de schokgolf zonder problemen voorbij de hersenen worden geleid en verder door zijn lijfje worden afgevoerd.
Kort voordat de specht begint te roffelen, sluit hij ook zijn ogen. Waarschijnlijk doet hij dit om, of wel zijn ogen te beschermen tegen houtsplinters, of wel om te voorkomen dat zijn oogbollen uit hun kasten rammelen!
Mochten ze hier ooit achterkomen, dan laat ik jullie dat natuurlijk weten.
Het mooiste cadeautje van de wandeling kregen we op het laatst. We waren bijna het bos uit, toen ik het hoorde…..het schitterende gelach van de zwarte specht.
En een paar seconden later zagen wij hem vliegen, schuin voor ons over het pad, op weg naar de volgende boom.
Foto © Andre Donker
Tags: boom, bos, drummer, gelach, grote bonte specht, hersenen, hersenschudding, hoofdpijn, houtsplinters, klotsen, man, roffelen, schedel, specht, timmeren, vliegen, wandeling, zwarte specht
jan 29
Wat kan ik toch altijd genieten van kinderen!
In het Bezoekerscentrum Veluwezoom, waar ik werk, komen altijd heel veel kinderen. En kinderen zijn een geweldige inspiratiebron en ontzettend vermakelijk. Zo ook afgelopen vrijdag.
Een jongetje van een jaar of vijf komt met zijn vader en hoogstwaarschijnlijk zijn oma ons bezoekerscentrum binnen. De vader loopt na wat rondgekeken te hebben, naar de balie en vraagt mij hoe lang de dvd van De Veluwezoom duurt? Dit is een schitterende dvd met mooie beelden van ‘ons’ Nationaal Park de Veluwezoom, die wij op verzoek draaien voor bezoekers.
Ik vertel hem dat hij ongeveer 50 minuten duurt. “Oh, dat is jammer, zoveel tijd hebben we niet!”, zegt de man. “Is het misschien mogelijk om een klein stukje te zien?”, vraagt hij. “Ja hoor, geen probleem”, beantwoord ik de man en loop naar de filmzaal en start beamer en dvd-speler op.
Vader, zoontje en oma gaan op de voorste rij zitten en ik laat ze het stukje over de zwijnen zien. Oma geeft bij het zien van de beelden, constant commentaar en haar goedkeuring over hetgeen ze ziet.
Ik verlaat de zaal en ga verder met mijn werk.
Na een tijdje komt de man uit de zaal en vraagt aan mij of ik nog een klein stukje van de dvd kan laten zien, want ze hebben nog 10 minuten, voordat de rest van de familie komt.
Ik loop mee naar binnen en vraag aan ze of ze dan misschien een stukje over de bronst willen zien. “Oh ja, dat is leuk!”, roept oma.
Ik start de dvd weer en op het scherm verschijnen schitterende beelden van een groot, imposant burlend hert in een mistig, pril ochtendzonnetje. Wederom laat oma haar goedkeuring en bewondering horen. Vlak voor het hert loopt een hinde. Het hert springt onaangekondigd op de hinde en doet waar het tijdens de bronst altijd op uitdraait . Oma valt stil, geen woord meer. Niet van goedkeuring en ook niet van bewondering. Het hert heeft voor zijn geslachtsdaad niet veel tijd nodig en binnen luttele seconde is hij van de hinde af. Ongetwijfeld tot opluchting van oma! Blijkbaar moet ze toch nog bijkomen van de beelden, want het blijft erg stil. Totdat het jongetje plotseling vraagt: “Waren die herten aan het spelen oma?”
Oma bleef stil en ik moest zorgen dat ik zo snel mogelijk de filmzaal verliet, want ik kon mijn lach niet meer inhouden. Natuurlijk wilde ik oma in niet nog meer verlegenheid brengen!
Van zulke momenten kan ik zo ontzettend genieten .
“Er gaat niets boven de ongedwongen onbevangenheid van kinderen
en hun eeuwige honger naar antwoorden!”
Tags: balie, bronst, burlen, commentaar, dvd, goedkeuring, hert, herten, hinde, kind, kinderen, Nationaal-Park, onbevangen, Veluwezoom, werk, zwijnen
jan 29
In mijn vorige blog schreef ik voornamelijk over de paddenstoelen en zwammen die ik zag. Vandaag wil ik het over prenten hebben, pootafdrukken achtergelaten door dieren.
Gisteren zag ik op de grond in de modder diverse prenten; van herten, reeën, maar ook twee prenten van een das. En dat is gelijk hetgeen wat ik zo mooi vind aan prenten. Prenten verraden de aanwezigheid van bepaalde dieren, terwijl het heel goed mogelijk is dat je die dieren misschien wel nooit te zien zult krijgen. Aan een kant vind ik dat natuurlijk heel jammer, aan de andere kant blijft er wel een gezonde spanning, een verwachtingsvolle spanning bestaan met altijd die hoop op een ontmoeting.
Soms kan zo’n ontmoeting heel onverwachts plaatsvinden. Zoals mijn man en mij overkwam tijdens een vakantie in zuid Frankrijk.
Bij het invallen van de avond besloten we nog een ommetje te gaan maken. We liepen over een klein smal pad, tussen wat velden en bosschages door, toen we opeens op een meter afstand een grote zwart/wit gestreepte kop door de bosjes zagen steken. Het dier keek eerst naar links en toen naar rechts, alsof hij dit op school tijdens verkeersles had geleerd, en wilde net oversteken, toen hij zich blijkbaar bedacht. Hij keek weer naar rechts, waar wij als aan de grond genageld stonden en besefte toen pas dat dat wat hij zag, daar normaal niet was. Hij keek ons nogmaals recht aan met een verwarde uitdrukking en besloot toen de benen te nemen. Zo snel als ik kon, rende ik naar de plek in de heg waar hij was verdwenen, om nog net te zien hoe dit magnifieke dier uit zicht verdween. Wauw! …. Een das! En niet zomaar eentje! Nee een geweldig groot en mooi exemplaar, welke op niet minder dan een meter voor onze neus had gestaan. We konden het bijna niet geloven. Het was dan ook meer de onwaarschijnlijkheid van deze ontmoeting die ons overrompelde, dan de werkelijke ontmoeting zelf.
Dassenprenten heb ik in dit gebied nog nooit gezien, of ze zijn me nooit eerder opgevallen. Wat mij haast onmogelijk lijkt. Ten eerste omdat ik altijd aan het speuren ben naar sporen en prenten en ten tweede omdat de prent van een das heel karakteristiek en herkenbaar is en nauwelijks te verwarren met de prent van een ander dier!
Ik ken wel een dassenburcht hier verderop en aangezien het leefgebied van een das heel groot is en het feit dat een das op een afstand van 4 kilometer nog naar voedsel zoekt, is de kans groot dat het de prenten waren van een van de dassen uit die burcht.
Gisteren had ik geluk. Eergisteren had het geregend, de paden waren hierdoor omgetoverd in modderpoelen. En ‘s nachts had het gevroren, waardoor alle prenten tijdelijk gevangen zaten in de bevroren modder, de aanwezigheid prijsgevend van vele dieren, waaronder die ene das.
Dassenprent rechter voorvoet
Tags: burcht, das, modder, ontmoeting, pootafdruk, prent, zuid-Frankrijk
jan 27
Een van de opdrachten van de natuurgidsencusrus van het IVN, was de ‘Eigen Plek’. Een stukje gevarieerd natuurgebied, die we gedurende het jaar moesten monitoren.
Ik had mijn keuze al snel gemaakt. Ik koos voor een gebiedje dat De Kievit heet, een paar kilometer hier verderop. Een mooi verscholen stukje natuurgebied met veel variatie.
Vandaag liep ik er weer rond, meestal samen met mijn man, vandaag alleen. Zelden kom ik hier iemand tegen. Wat me direct opviel was het schreeuwen van een paar buizerds, hoog gegil. Eentje had de thermiek te pakken en zweefde al cirkelend, hoger en hoger. Wat een gevoel van vrijheid, schitterend.
Ik had nog maar een paar stappen in het gebied gezet en zag gelijk al de vele geweizwammetjes op met mos begroeide stronken. Verder wandelend zag ik vreemde geel-witte kwabben op de grond. Toch herkende ik ze gelijk: de gele trilzwam. Een hersenvormig geplooide-gelobde gelatineuze substantie. Variërend in kleur van bleekgeel tot feloranje. Tijdens de hele wandeling kwam ik op vele plekken de gele trilzwam tegen, meestal in bevroren toestand, maar vaak ook ontdooid, week en klef. Ook vond ik vaak bij de gele trilzwammen, bevroren en half ontdooide judasoor. Alhoewel, de vondst van de doolhofzwam en de oranje druppelzwam heel mooi waren was voor mij de grote verrassing toch wel een bundel grijze oesterzwammen! Verstopt tussen grassen en dood hout. Leunend tegen een reusachtige omgezaagde stam van wat eens een gigantische eik geweest moest zijn. Prachtig! Zo goed verstopt, dat de kou hen niet kon deren!
Ik heb enkele van de paddenstoelen in een kleine fotocollage hieronder verwerkt. Te zijner tijd zal ik het een en ander over de verschillende zwammen en paddenstoelen vertellen.

Al met al een mooie, koude wandeling, vol met verrassingen.
jan 26
Deze blog wil ik gaan wijden aan mijn natuurbelevingen in de ruimste zin van het woord. Lekker vaag hè?
In ieder geval valt er voor mij enorm veel te beleven, te leren, te zien, te voelen, te ruiken en te ontdekken in de natuur. Genoeg om er vele blogjes mee te vullen.
Ik was eigenlijk al 2 jaar geleden begonnen met deze blog, als opdracht voor mijn Natuurgidsenopleiding bij het IVN. Dat is er niet van gekomen, maar de blog en de mooie naam voor mijn belevenissen, had ik nog wel.
Uiteindelijk ben ik (weer) over de streep getrokken door een goede twittervriend en collega, die zelf hele mooie blogjes over de natuur schrijft. “Gewoon gaan beginnen”, zei hij.
Tja, eigenlijk is het wel zo simpel, gewoon beginnen en de eerste stap zetten.
Nu zie hier, mijn eerste schreden op het pad van bloggen
Ik zal in de komende blogjes schrijven over mijn vele wandelingen in de natuur en mijn natuurbelevenissen op mijn werk op het bezoekerscentrum Veluwezoom van Natuurmonumenten.
Want ook op mijn werk maak ik mooie dingen mee, al dan niet verteld door een bezoeker of een leuk of interessant verhaal van een van mijn collega’s.
“This is one small step for bloggers and writers, one giant leap for me!“
Dit ben ik!
Tags: begin, collega, eerste stap, IVN, natuur, Natuurmonumenten, twitter
2011 Claudia's Natuurbelevingen.
|
|
Recent Comments